17-4-2018 | Het klimaatakkoord van Parijs, waarin afspraken zijn gemaakt om de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder de 2 graden, heeft er toe geleid dat het terugdringen van broeikasgassen niet meer weg te denken is. Onderzoek van TNO toont aan dat elektrisch vervoer de CO2-uitstoot vermindert. TNO’s analyse geeft aan dat bij gebruik van duurzame stroom een reductie van 70% mogelijk is t.o.v. een gemiddelde benzineauto.

 

Hoe staat het ervoor met elektrisch rijden in Nederland?

Begin 2018 rijden er meer dan 120.000 elektrische voertuigen rond in Nederland. De meest voorkomende plug-in varianten zijn de Mitsubishi Outlander en de Volvo V60. In de categorie full-electric staat Tesla met Model S met kop en schouders bovenaan. Op gepaste afstand volgen de modellen Renault ZOE en Nissan Leaf.

Het verkoopaandeel van elektrisch vervoer is nog redelijk beperkt, zo was in 2017 het marktaandeel maar 2,6% t.o.v. reguliere autoverkoop. Elektrisch vervoer zit nog in de productintroductiefase, de early adaptors zijn dan ook de voornaamste geïnteresseerden. De introductie van Tesla Model 3 (eind 2018 in Nederland verwacht), zou hier wel eens verandering in kunnen brengen.

 

Wat betekent dit voor de installateur?

Het terrein van elektrisch vervoer biedt de installateur een nieuwe, veelbelovende business. Er moeten immers overal laadstations worden ingericht om de diverse elektrische voertuigen van stroom te voorzien. De laadstations moeten worden aangesloten op een bestaande of nieuw te plaatsen verdeler, met de daarbij behorende noodzakelijke beveiligingscomponenten, zoals aardlekschakelaars en installatieautomaten. Hiermee ligt de montage en inbedrijfstelling van een laadstation binnen het werkgebied van de installatiebranche.

Als installateur zijn een aantal zaken bij het installeren van een laadstation van belang. In de laatste versie van de NEN1010 (2015) is dan ook uitgebreid aandacht besteed aan het veilig installeren van laadinrichtingen voor elektrische voertuigen. We hebben de belangrijkste zaken op een rijtje gezet.

Laadstations en de NEN1010

Elk aansluitpunt van een oplaadstation moet voorzien zijn van een aparte aardlek-, kortsluit- en thermische beveiliging. Het aansluiten van meerdere aansluitpunten op hetzelfde elektrische circuit is niet toegestaan. Bij de keuze van de juiste kortsluit- en thermische beveiliging dient de installateur rekening te houden met de gelijktijdigheidsfactor, installatiewijze en inschakelpieken.

Om te beginnen dient er gerekend te worden met een gelijktijdigheidsfactor van 1. Men kan namelijk niet zeker stellen dat er niet continu wordt geladen. Om ongewenste uitschakeling te voorkomen, moet de beveiliging minimaal één stap hoger uitgevoerd worden dan de ingestelde waarde van het laadstation. De installatiewijze in de verdeler is hierbij een belangrijk element. De NEN-EN-IEC 61439-1 verschaft hier inzicht in en geeft aan dat de toegekende stroom en stroomketen (Inc) bepalend zijn. Dit is de waarde die onder normale omstandigheden gevoerd kan worden, zonder temperatuurverhoging tot gevolg. De omgevingstemperatuur en installatiewijze zijn hierbij zeer van belang. Zo dient bij het installeren van 2 tot 3 naast elkaar geplaatste installatieautomaten een correctiefactor van 0,95 toegepast te worden. In de meeste gevallen is het belasten van 80% van de opgegeven nominale stroom van het component voldoende om aan de voorwaarden te voldoen.

De meeste laadstations zijn uitgevoerd met een aansluitconnector die voldoet aan de NEN-EN-IEC 62196-reeks. De beter bekende type 2 aansluiting is hierin beschreven. Het nemen van beschermingsmaatregelen tegen DC-foutstromen is meestal noodzakelijk en kan op drie manier tot stand worden gebracht:

  • Het laadstation is al voorzien van de noodzakelijke beveiliging
  • Een aardlekbeveiliging type B moet per aansluitpunt worden toegepast
  • Een aardlekbeveiliging type A wordt aangevuld met componenten/functionaliteiten die uitschakeling borgen bij DC-foutstromen groter dan 6 mA per aansluitpunt

Welke producten kun je toepassen?

De laadstations van Hager zijn leverbaar in twee series. Beide zijn geschikt voor het laden van alle elektrisch aangedreven voertuigen, zoals hybride en elektrische auto’s, elektrische fietsen en scootmobielen. Het verschil tussen de series is de toegankelijkheid van het laadstation.

witty.park
De witty.park is uitgevoerd met een RFID-functie (radio frequency identification). De gebruiker kan middels een badge toegang krijgen tot de laadfunctie. Tevens wordt de stekker vergrendeld ter voorkoming van diefstal of vandalisme. De witty.park is daarmee zeer geschikt voor toepassingen waarbij autorisatie wenselijk is, zoals in parkeergarages, op bedrijfsterreinen, bij bioscopen en winkelgebieden.

witty.home
De witty.home is geschikt voor situaties waarbij autorisatie overbodig is, zoals op privé-parkeerplaatsen.

Beide varianten voldoen aan de internationale norm IEC 61851. Met beschermingsgraad IP44 en slagvastheid IK10 zijn de laadstations uitermate geschikt voor zowel binnen als buiten. De behuizing bestaat uit een kwalitatief hoogwaardige, UV-bestendige kunststof die iedere vorm van verkleuring tegengaat.

Loadmanagementmodule
Om de hoofdzekering van een woning te behouden, kan een witty.home gecombineerd worden met een loadmanagementmodule (XEV304). Hiermee kan de totale belasting van een woning geregeld worden naar 50% van de ingestelde waarde of volledig uit. Prioriteitoplading bij decentraal opgewekte energie, zoals bij gebruik van zonnepanelen, is ook mogelijk. Het opladen van een voertuig start, zodra de opgewekte stroom boven de minimale benodigde waarde komt. Met deze functie behoort 100% duurzaam opladen van het elektrische voertuig tot de mogelijkheden.

 

Meer weten over de producten?

www.hager.nl/witty


Lees ook

Energieneutraal bouwen: regelgeving en initiatieven

Besparing in de praktijk: warmtepompen

 


Bronnen en meer informatie:

Dit artikel is gebaseerd op teksten uit de volgende bronnen:

  • TNO 2015 R10386 Energie- en milieu-aspecten van elektrische personenvoertuigen, 7 april 2015
  • Statistics Electric Vehicles in the Netherlands, Netherlands Enterprise Agency, March 2018
  • NEN1010:2017+C1
  • NEN-EN-IEC 61439-1
  • Hager brochure ‘Aangesloten op de toekomst – Laadstations voor E-Mobility’

 

e-cataloguswhitepaper